Wie oren heeft om te horen (2)

LightStock

Lezen: Lucas 14:25 – 15:1

Wie oren heeft om te horen, moet goed luisteren! Alle tollenaars en zondaars kwamen hem opzoeken om naar hem te luisteren.

Lucas 14:35b – 15:1

Wie waren Jezus’ luisteraars eigenlijk? En waarom vertelde Jezus hun deze gelijkenis? Daarvoor gaan we terug naar Lucas 14. Jezus vraagt aan de ‘grote mensenmenigten’ (Luc. 14:25) die Hem volgen wie er bereid is zijn kruis op zich te nemen. Jezus vraagt het onmogelijke: jezelf verloochenen, met al je godsdienst en eigendunk, je positie, je status. Daal eens af en kijk met Gods ogen naar jezelf en de mensen om je heen. Wie is er bereid om alles te verlaten om Jezus’ wil? Wie durft zichzelf te zien als volledig veroordeeld en tegelijk volledig aanvaard om Christus’ wil? Wie heeft er dán nog oren om te horen?

Wie is er bereid om alles te verlaten om Jezus’ wil?

Kijk, van de grote mensenmenigte uit Lucas 14 blijft niet veel over. Maar terwijl de menigte vertrekt, stroomt een heel andere groep mensen toe naar Jezus. Prachtig, die verbinding tussen Lucas 15:1 en 14:35b door middel van het woordje ‘luisteren’. Als Jezus zijn radicale boodschap van zelfverloochening en kruisdragen besluit met een oproep om te luisteren, komen nota bene álle tollenaars en zondaars hem opzoeken ‘om naar hem te luisteren’. Jezus blijkt een grote aantrekkingskracht uit te oefenen op immorele en areligieuze mensen. Voor hen die in godsdienstig opzicht niets mee kunnen brengen – verloren schapen, munten en zonen – is er alleen nog hoop als er niet geëist wordt maar alles genade is.

Jezus blijkt een grote aantrekkingskracht uit te oefenen op immorele en areligieuze mensen.

Vraag: Oefent jouw gemeente aantrekkingskracht uit op verloren mensen?

Zingen: Liedboek 15:2, 3

Noot van de redactie: 

Ga naar het overzicht van alle artikelen in de serie 30 x Lucas 15.

Met toestemming van de uitgever overgenomen uit: Bijbels Dagboek 2015 (De Vuurbaak 2014).

Deel
Laad meer
Laden